Vandaag in DSAvond: vrede als bubbel.

Ik zit een beetje omhoog met mijn pacifisme. Mijn afkeer van wapengekletter was altijd vanzelfsprekend. Toen ik op mijn negentiende gekeurd moest worden voor de militaire dienstplicht had ik mij voorbereid op lastige vragen. Ik had gehoord dat men bijvoorbeeld vroeg of ik ook pacifist zou blijven als mijn zus voor mijn ogen verkracht werd. Ja, ja, die militaire jongens zijn heel goed in het verzinnen van dilemma’s als het erom gaat kanonnenvlees te rekruteren dat zich later bij hun bevelen maar beter niets meer afvraagt. 

Ik hoefde die vraag uiteindelijk niet te beantwoorden. Ik werd op medische gronden afgekeurd, een klein lichamelijk euvel waarvan ik in mijn hele leven nog nooit last heb gehad. Zelfs in tijden van oorlog wilde het Nederlandse leger mij niet hebben, al kon ik een herkeuring aanvragen. 

Tegen het leger. Verontwaardiging over de aankoop van peperdure, op niets dan dood en verderf gericht wapentuig terwijl er bezuinigd werd op onderwijs, op cultuur natuurlijk, op de zorg. Een F-35 Joint Strike Fighter kopen terwijl de kinderarmoede toeneemt! Mijn keuzes waren helder. Ze waren ook een beetje naïef.

Het is niet dat de agressie van Poetin iets heeft veranderd aan mijn afkeer van oorlog en geweld. Maar ik besef ineens weer dat er voor vredelievendheid betaald moet worden. De ineenstorting van het Oostblok na de val van de Muur in 1989, de implosie van de Sovjet-Unie in 1991, het creëerde de illusie dat gewapende conflicten zoals we die uit het verleden kenden, in onze contreien niet meer zouden voorkomen. Je kon je afvragen waar de Navo eigenlijk nog voor diende als het Warschaupact, haar vroegere tegenhanger, niet meer bestond. 

Wat ik me bij de verhalen over verzetsstrijders en bevrijdingslegers in de Tweede Wereldoorlog en elders in de wereld nog wel kon voorstellen – dat je bereid bent je leven te geven voor je land, voor de vrijheid –, leek mij in het hedendaagse Europa absurd. Ik besefte niet goed dat ik daarmee eigenlijk ook zei dat er blijkbaar voor mij geen idealen meer bestaan waarvoor ik zou willen vechten, laat staan: sterven. De vrijheid is voor mij zo vanzelfsprekend dat zelfs vrijheidsbeperkende coronamaatregelen me niet konden verontrusten. De protesten daartegen leken me in het beste geval voorbarig.

In die zin is de brutale inval in Oekraïne meer een wake-upcall dan de coronamaatregelen waren. We hebben aan de rand van Europa weer een nietsontziende bullebak die laat zien dat onze vanzelfsprekend geworden vrijheid helemaal zo vanzelfsprekend niet is. Stopt Poetin aan de grenzen van Oekraïne, of wil hij ook de Baltische staten ‘terug’? En Polen? Een korte blik op de deplorabele staat van onze Europese legers volstaat om vast te stellen dat we deze onverlaat maar weinig in de weg kunnen leggen. Ja, economische sancties. Maar we vragen ons zelfs af of wij daarvoor bereid zijn tot de ene na de andere ‘dikketruiendag’. Zonder Russisch gas wordt het hier behoorlijk fris.

Kortom, moet er niet wat meer belastinggeld naar onze legers? Ik schrik van mezelf.

En in de papieren versie van zaterdag 26 februari

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s